Nikolaas Tahon, managing partner van Deloitte Fiduciaire, stelde bij liefst 62% van de industriële bedrijven een omzetdaling vast. De helft beperkte de schade tot minstens 8%, maar bij een kwart van de industriële bedrijven kromp de omzet zelfs met 26% of meer.
Na twee zwakke jaren, zijn in 2010 zowel het operationele rendement (EBITDA/omzet), als het financiële nettorendement en de return on capital employed (ROCE) fors gestegen. De doorsnee-kmo wist echter nog niet de superrendementen - zoals behaald in 2007- opnieuw te evenaren. In 2010 is bovendien voor het eerst in 3 jaar het aantal ondernemingen met een negatief rendement opnieuw gedaald.
% kmo | 2007 | 2008 | 2009 | 2010 |
EBITDA/omzet < 0% | 10,3% | 11,4% | 14,0% | 10,4% |
Financiële nettorendement < 0% | 20,2% | 22,1% | 26,2% | 20,9% |
Return on capital employed < 0% | 23,2% | 24,5% | 28,4% | 24,2% |
In 2009 zag de doorsnee-exploitatievennootschap nog de EBITDA op omzet wegzakken tot 7,7%. In 2010 wist de doorsnee-kmo daarentegen een operationeel rendement van 8,5% te realiseren. Die trend stelt Deloitte Fiduciare vast binnen alle sectoren, met uitzondering van de dienstensector en de houtsector, waar de EBITDA op omzet het voorbije jaar nog verder weggezakt is.
Het voorbije jaar zag de doorsnee-kmo trouwens ook het financiële nettorendement stijgen tot 8%. De recordcijfers van in 2006 en 2007 zijn daarmee echter nog lang niet geëvenaard.
De return on capital employed, afgekort ROCE, geeft de winstgevendheid voor de aandeelhouders en andere geldverschaffers (banken en leasingmaatschappijen) weer. Eind 2009 leverde elke 100 EUR die geïnvesteerd werd in de doorsnee-kmo slechts een brutorendement van 5,1 EUR op. In 2010 is dit rendement opnieuw gestegen tot 6,1 EUR. Dat is echter nog steeds 1,2 EUR minder dan eind 2007.
Terugbetalingscapaciteit zo goed als hersteld
Het aantal ondernemingen dat beroep doet op bancair krediet blijft schommelen rond de 70%. De vraag rijst dan ook of die ondernemingen voldoende netto-operationele cashflow genereren om hun financiële verplichtingen (aflossing van schulden en intrestlasten) te kunnen nakomen.
Terwijl in 2009 nog 29% van de kmo’s hun financiële verplichtingen niet meer kon nakomen, is dit aantal in 2010 gedaald tot 24%. Ten opzichte van 2007 bevindt zich echter nog steeds 2% meer ondernemingen in de ‘gevarenzone’.
Begin 2007 noteerde de doorsnee exploitatie-kmo nog een terugbetalingscapaciteit van 231%. Dit was een mooie 'buffer' om bij een eventueel verdere terugval van de netto cashflow toch nog de financiële verplichtingen te kunnen nakomen. Eind 2009 beschikte de helft van de exploitatievennootschappen nog slechts over een terugbetalingscapaciteit van maximaal 194%. In 2010 heeft de terugbetalingscapaciteit zich hersteld en noteerde de doorsnee-kmo opnieuw een waarde van 227%. Daarmee positioneert de terugbetalingscapaciteit van de doorsnee-kmo zich op het eerste gezicht opnieuw op het niveau van voor de financieel-economische crisis.
Abonnees lezen meer in het novembernummer van FDMagazine